[language-switcher]

Hoe maak je een kampvuur

Een kampvuur maken is leuk. Het geeft een fijne sfeer, je kunt marshmallows roosteren, je beste pyromaan uithangen, of je eten bereiden. Elke scout moet toch vuur kunnen maken? Een kampvuur maken is niet moeilijk. Maar let op, want voor je het weet veroorzaak je een bosbrand.

Waarom je goed moet opletten met open vuur

Vuur is onze beste vriend, maar behandel het met respect. Geef je jouw kampvuur te weinig respect? Dan wordt het je grootste vijand!

Je denkt misschien dat ze bij de scouting soms overdrijven over de veiligheid bij vuur. Maar wist je dat vonken bij een beetje wind zomaar meters kunnen vliegen? En zelfs de kleinste vonk genoeg is om enorme natuurbranden te veroorzaken?

Let ook op je kleding: draag geen kleding die snel in brand vliegt, zoals polyester en andere kunststoffen.

Wat heb je nodig om een kampvuur te maken

Elk kampvuur bestaat uit drie ingrediënten: zuurstof, brandstof en warmte. Samen vormen deze drie de “branddriehoek”. Haal één van deze onderdelen weg en je vuur gaat uit. Goed om te weten als je een kampvuur wilt aansteken, maar óók als je het vuur wilt blussen. Gooi je water over het vuur? Dan haal je zowel zuurstof en warmte weg. Wil je je vuur oppeppen? Dan blaas je (voorzichtig), of voeg je wat brandhout toe.

Hoe maak je een goede kampvuurplaats

Bij de Scouting maak je meestal een kampvuur in de kampvuurplaats. Heb je geen kampvuurplaats? Maak er zelf ééntje. Zoek een vlak stuk grond uit, ver weg van bomen en andere brandbare dingen. Maak de grond vrij van brandbaar materiaal (bladeren, gras, takken). Zorg dat er minimaal een kring van drie meter doorsnee ontstaat. Moet je het hout nog klein hakken? Doe dit dan op drie meter afstand van het kampvuur.

Hoe bouw je je kampvuur op?

Er zijn verschillende soorten kampvuren, maar elk kampvuur bestaat uit drie onderdelen. Eerst de tondel. Dit is licht ontvlambaar materiaal, zoals krullen van droog hout, de droge schors van een berk, dennenappels, katoenpluisjes, droog riet en dunne takjes.

Rondom het tondel komt een laag aanmaakhout. Dit zijn kleine takjes, liefst droog hout dat zacht is. Dennentakjes bevatten hars en zijn perfect aanmaakhout. De buitenste laag is het uiteindelijke brandhout. Lekker dikke blokken hout die lang branden.

Steek het tondel aan. Dat kan met een vuurboog, maar ook gewoon met lucifers. Het licht ontvlambare tondel maakt het aanmaakhout voldoende warm om in brand te vliegen. Het brandhout volgt. Zo eenvoudig is het maken van een kampvuur.